• etalagebenen claudicatio intermittens 2

Claudicatio Intermittens

Wat is Claudicatio Intermittens?

Claudicatio intermittens is een vaatziekte waarbij vernauwingen (slagaderverkalking) van de bloedvaten in en naar de benen centraal staan. Dit geeft klachten, omdat tijdens bewegen (bv. lopen) de spieren extra zuurstof nodig hebben. Zuurstof zit in het bloed en wordt door de slagaderen naar de spieren vervoerd. Door de vernauwingen in de bloedvaten is de doorbloeding in het been onvoldoende om tijdens de inspanning de gevraagde energie te kunnen leveren.

Doordat de spieren te weinig zuurstof krijgen ervaart u klachten in één of beide benen. Dit gevoel is vaak vergelijkbaar met een soort kramp of scherpe steek; de zogenaamde verzuring die ook bij topsporters voorkomt (bijvoorbeeld bij schaatsers). Bij stilstaan komen de spieren tot rust en krijgt de doorbloeding de kans om het tekort aan zuurstof te herstellen. Daardoor verdwijnen de klachten in het been weer. Hierna kunt u weer verder lopen en herhaalt het proces zich.

Claudicatio intermittens wordt ook wel etalagebenen genoemd omdat mensen met claudicatio klachten de neiging hebben voor een winkeletalage te stoppen. Dan valt het de andere mensen niet te veel op dat ze eigenlijk niet verder kunnen lopen.

Andere tekenen die wijzen op een slechte doorbloeding van de benen zijn:

  • koude voeten.
  • verdwijnen van de onderhuidse vetlaag in de benen.
  • verdwijnen van haargroei op voeten en tenen.
  • verdikking van de teennagels (kalknagels).
  • langzamere groei van de nagels.
  • een verminderd of verdwenen gevoel in de benen.

Vierpuntsschaal

Claudicatio wordt ingedeeld volgens de vierpuntsschaal van Fontaine of volgens de zevenpuntsschaal van Rutherford.
De indeling is als volgt:

  1. Er is wel atherosclerose aanwezig, maar de patiënt heeft geen klachten. (enkel arm index lager dan< 0.9) Graad 0 Rutherford
  2. Bij inspanning ontstaat ischemie van de benen die zich uit in de bekende claudicatio klachten (enkel armindex 0.5 -0.9):
    • Lichte klachten wandelafstand > 200mtr Graad 1 Rutherford
    • matige klachten wandelafstand =100-200 mtr Graad 2 Rutherford
    • ernstige klachten wandelafstand <100mtr Graad 3 Rutherford
  3. Er is sprake van pijn in rust.
  4. Er zijn ulcera aanwezig, (dreigende ) necrose
  5. Er zijn ulcera aanwezig, (dreigende ) necrose en gangreen

Wat is er aan te doen?

Slagaderverkalking is in principe een normale ouderdomsziekte, een natuurlijk verouderingsproces van de bloedvaten.
Risicofactoren kunnen dit proces versnellen. Dit zijn:

  • erfelijkheid
  • te weinig lichaamsbeweging
  • roken
  • verhoogde bloeddruk
  • overgewicht
  • ongezonde voeding
  • verhoogd cholesterol

Aan leeftijd en erfelijkheid kunt u zelf niets doen. Het is wel van groot belang dat u aan de slag gaat met de overige risicofactoren. U moet dus zorgen voor voldoende lichaamsbeweging, niet roken (of in ieder geval fors minderen, zie www.stivoro.nl), een verantwoord lichaamsgewicht en gezonde voeding (zie www.voedingscentrum.nl). Ook uw bloeddruk en cholesterol moeten binnen de normaalwaarden vallen.

Uit diverse wetenschappelijke onderzoeken blijkt dat vooral looptraining een duidelijke vermindering van claudicatio-klachten geeft. Looptraining heeft in de meeste gevallen zelfs meer effect dan operatief ingrijpen, gemeten een jaar. De loopafstand kan gemiddeld 150 procent toenemen.

Het resultaat van looptraining is goed, maar het uitvoeren van het loopprogramma is pittig, misschien wel vergelijkbaar met topsport. U zult regelmatig “verzuring” ervaren en u zult desondanks door moeten lopen. Ondanks alle inspanning gaat de vooruitgang met kleine, maar zekere stapjes. Verder heeft u “levenslang” wat betreft wandelen. Ook na afloop van het fysiotherapeutische traject bij Paul Klaver Fysiotherapie moet u dagelijks blijven lopen!

Informatie over claudicatio intermittens:

  • Fietsen en zwemmen zijn goede bewegingen om de conditie op te bouwen. Maar minder geschikt om de klachten te verminderen. Met wandelen gebruikt u meer de kuitspieren, bij het fietsen meer de bovenbenen. U moet dus echt lopen!
  • Roken is een van de belangrijkste risicofactoren voor het krijgen van een hart- of vaatziekten. Nicotine vernauwt en beschadigt uw bloedvaten. Ook die van uw benen. Patiënten die gestopt zijn met roken hebben meer baat bij looptraining dan rokende patiënten.
  • Looptraining geeft verbeteringen van 150-180% blijkt uit onderzoek, de individuele verschillen zijn groot.
  • De levensverwachting van patiënten met claudicatio ongeveer 10 jaar verkort, door overlijden aan andere hart en vaatziekten.
  • Er is consistent bewijs dat de risicofactoren voor perifeer arterieel vaatlijden gelijk zijn aan die voor hart en hersen vaatlijden en de typische risicofactoren voor atherosclerose: een hogere leeftijd (> 70 jaar), familiaire belasting voor hart- en vaatziekten, roken, diabetes mellitus, hypertensie en hypercholesterolemie.

Behandeling

Algemeen

De eerste keus voor de behandeling bij patiënten met claudicatio intermittens (of etalagebenen) is looptherapie. Door middel van looptherapie kan de pijnvrije loopafstand vergroot worden. Als deze looptherapie onder begeleiding van een fysiotherapeut wordt uitgevoerd (gesuperviseerde looptherapie), lijken de resultaten aanzienlijk beter. Een bijkomend voordeel is dat de fysiotherapeut ook aandacht kan besteden aan gerichte training voor de benen en de leefstijlveranderingen die nodig zijn om het risico op verdere problemen te verminderen. U kunt hierbij denken aan stoppen met roken, gezond eten en het ontwikkelen van een actieve leefstijl. Paul Klaver Fysiotherapie geeft gesuperviseerde looptherapie. Het woord looptherapie geeft al aan dat we iets anders bedoelen dan (sportief) wandelen. Met looptherapie bedoelen we lopen in een stevige wandelpas. Het is de bedoeling dat u zeer regelmatig oefent in het lopen van steeds langere afstanden met pijnklachten. Voor het beste resultaat van de looptherapie is het van belang dat u minimaal 5 keer per week, maar het liefst dagelijks, traint.

Bij voorkeur drie keer per dag en u moet dit minimaal 3 tot 6 maanden volhouden. In het begin krijgt u 2 tot 3 keer per week begeleiding van uw fysiotherapeut, maar uiteindelijk zal de therapie afgebouwd worden (indien uw conditie dit toelaat) en gaat u steeds meer zelfstandig trainen. Door telkens door te lopen tot net voor u uw maximale loopafstand heeft bereikt, kan uw loopafstand vergroot worden. De fysiotherapeut zal in eerste instantie uw bewegingsmogelijkheden met u bespreken. Samen met u wordt een persoonlijk en gestructureerd trainingsprogramma samengesteld om tot een zo goed mogelijk resultaat te komen. Voor het behoud van het verkregen resultaat is het zeer belangrijk om een actieve levensstijl te ontwikkelen en te onderhouden. Naast het verbeteren van uw loopafstand zal met onze begeleiding uw uithoudingsvermogen en uw looppatroon worden verbeterd en uw mogelijke angst voor inspanning worden overwonnen. Vooral het looppatroon is van belang. Om pijnklachten te omzeilen gaan veel mensen op een andere geforceerde manier lopen. Wij helpen u een gezond looppatroon aan te leren!

In de spieren zijn kleinere bloedvaten aanwezig waar weinig bloed doorheen stroomt. Deze bloedvaten heten collateralen. Zij lopen evenwijdig aan de grote slagaders. Door looptraining gaan deze bloedvaten meer open staan. De spieren krijgen meer zuurstof. De bloedvaten nemen de functie van de grote slagaders gedeeltelijk over. Blijf ook na afloop van de looptraining dagelijks lopen. De betere doorbloeding van de spieren en de techniek van het lopen gaan snel verloren als u dit niet bijhoudt.

Looptraining helpt. Looptraining verbetert de doorbloeding in uw benen.

Door de training:

  • loopt u een grotere afstand
  • loopt u langer pijnvrij
  • verbeteren conditie en looptechniek
  • gaat uw looptempo omhoog
  • u herstelt sneller na inspanning

Claudicatio Intermittens revalidatieprogramma

De eerste afspraak bij Paul Klaver Fysiotherapie bestaat uit een intake van maximaal dertig minuten. In een gesprek wordt uitgebreid gevraagd naar uw specifieke klachten en beperkingen en uw algemene gezondheid. Tijdens de eerste dan wel de tweede afspraak, vindt, indien de fysiotherapeut dit noodzakelijk acht, een fysiotherapeutisch onderzoek naar een of meerdere spieren en gewrichten plaats. Bij de tweede of derde afspraak wordt een maximaal vijfentwintig minuten durende test op de loopband afgenomen.

Tijdens de derde of vierde afspraak (maximaal dertig minuten) wordt met u het wandelschema voor thuis doorgenomen, en start u met de oefeningen die u dagelijks thuis moet uitvoeren. In uw logboek houdt u elke dag bij wat u aan lichamelijke inspanning heeft gedaan. De vierde en vijfde afspraak (maximaal dertig minuten) staan in het teken van het aanleren van thuisoefeningen en de oefeningen die u bij ons komt doen.

Vervolgens verwachten wij u twaalf weken lang twee keer per week gedurende circa een uur bij ons om uw oefeningen te doen. Dit gebeurt op vooraf afgesproken tijden. Het kan zijn dat een andere fysiotherapeut u begeleidt dan degene bij wie u de intake heeft gedaan. In de derde en na afloop van de zesde, negende en twaalfde trainingsweek verwacht uw intake-fysiotherapeut u voor een evaluatie. Daarna stopt in principe het trainingsprogramma bij Paul Klaver Fysiotherapie en gaat u zelfstandig verder met uw thuisoefeningen en vooral het wandelschema.
Twee maanden later meldt u zich voor evaluatie met loopbandtest bij Paul Klaver Fysiotherapie. Dit herhaald zich vervolgens elke drie maanden tot maximaal een jaar na aanvang van het revalidatieprogramma. Dan wordt ook het eindverslag naar de verwijzende specialist en uw huisarts opgesteld.

Enkele tips voor een optimaal resultaat:

  • maak met u zelf concrete afspraken wanneer u gaat lopen
  • stel een haalbaar doel, bijvoorbeeld elke dag een half uur.
    - schrijf op uw kalender wanneer u gaat wandelen, bijvoorbeeld na het avondeten of ’s morgens na het ontbijt
    - vraag ondersteuning van een huisgenoot die u helpt om u aan uw eigen afspraak te houden

Wij wensen u veel succes met uw revalidatie!

Looptest

Eerst vindt een kennismaking met de lopende band plaats ter bepaling van de juiste loopsnelheid. Bij voorkeur wordt er met beide handen los of maximaal met een hand ter ondersteuning van de balans gelopen. Een loopsnelheid van 3,2 km/uur wordt aangehouden. Elke 2 minuten wordt de hellingshoek met 2 graden verhoogd tot 10% helling. De looptest wordt afgebroken op het moment dat voor de patiënt het maximale bereikt is. De maximale duur van de looptest bedraagt 30 minuten.

Instructie looptest:

  • De patiënt geeft duidelijk aan wanneer hij / zij de eerste klachten krijgt, in welk pijn intensiteit op de ACSM schaal is ( 0-4).
  • De patiënt geeft aan wanneer hij normaal gesproken zou stoppen in het dagelijks leven, de zogenoemde functionele loopafstand.
  • De patiënt loopt nu door en bepaalt zelf wat voor hem / haar de maximale belastbaarheid (testduur) is.
  • We noteren de reden van het stoppen van de test. Cliënt geeft aan wat de score op de ACSM schaal is (0-4).
  • Na beëindigen van test blijft de patiënt staan totdat de klachten volledig verdwenen zijn. Deze tijd wordt genoteerd.

Vervolg looptesten

  • De testen worden regelmatig herhaald bij dezelfde loopsnelheid. Na 0,1,3,6,9 en 12 maanden. Deze testen worden genoteerd en in een verslag verwerkt.
  • Na elke looptest vindt een evaluatiemomentplaats met een vragenlijst. Na iedere looptest met evaluatie vindt een aanpassing van de behandeldoelen en het behandelplan plaats voor de komende vier weken. Er wordt registratie verstrekt voor de looptraining thuis.

Thuiswandelschema

Week/datum

Arbeid/rust

Aantal herhalingen per training

Trainingsfrequentie

ACSM score

Week 2

Datum:

min wandelen –

2 min rust

4

2 keer per dag

Week 3

Datum:

min wandelen –

2 min rust

5

2 keer per dag

Week 4

Datum:

min wandelen –

2 min rust

5

2 keer per dag

Week 5

Datum:

min wandelen –

2 min rust

5

2 keer per dag

Week 6

Datum:

min wandelen –

2 min rust

5

2 keer per dag

Week 7

Datum:

6 min wandelen –

2 min rust

5

1 keer per dag

4 min wandelen

2 min rust

5

1 keer per dag

Week 8

Datum:

8 min wandelen –

2 min rust

4

1 keer per dag

4 min wandelen –

2 min rust

5

1 keer per dag

Week 9

Datum:

10 min wandelen –

1,5 min rust

3

1 keer per dag

4 min wandelen –

2 min rust

5

1 keer per dag

Week 10 en verder:

10 min wandelen –

1,5 min rust

4

1 keer per dag

4 min wandelen –

2 min rust

5

1 keer per dag